Wie zijn mijn erfgenamen als ik geen testament heb?

Wie zijn mijn erfgenamen als ik geen testament heb?

Home » Wie zijn mijn erfgenamen als ik geen testament heb?
8.5
Wie zijn mijn erfgenamen als ik geen testament heb?

Zonder testament bepaalt de wet wie je erfgenamen zijn. Daar zit een volgorde in. De eerste groep zijn je echtgenoot en je kinderen. Heb je die niet, dan je ouders en broers en zussen.

Wie erven van mij als ik geen testament heb?
Als je geen testament hebt en dus geen erfgenamen hebt benoemd, geldt het wettelijke erfrecht. We noemen dat ook het versterferfrecht. Dat betekent dat de wet dan aanwijst wie jouw erfgenamen zijn als jij komt te overlijden. De wet bepaalt in welke volgorde jouw nalatenschap wordt verdeeld.

De volgorde is:

Testament met zegel
  1. Echtgenoot, geregistreerd partner, (adoptie) kinderen en hun afstammelingen;
  2. Ouders, (half)broers en (half)zussen en hun afstammelingen;
  3. Grootouders met hun (klein)kinderen, ooms, tantes, neven, nichten;
  4. Overgrootouders en hun afstammelingen;
  5. De Nederlandse Staat.

De eerste groep (echtgenoot, geregistreerd partner en kinderen en kleinkinderen) erft als eerste. Als er in deze groep geen erfgenamen zijn, dan komt de volgende groep pas aan bod.

Plaatsvervulling

Als een erfgenaam niet kan erven, bijvoorbeeld omdat die erfgenaam eerder is overleden (vooroverlijden), dan komen er anderen in zijn plaats. Dit heet plaatsvervulling. Plaatsvervulling vindt plaats volgens de zogenaamde staaksgewijze vererving.

Voorbeeld: Oma is overleden. Zij had 1 kind en 3 kleinkinderen. Haar kind valt in groep 1 en is dus haar erfgenaam. Maar het kind is al eerder komen te overlijden. Dan nemen de kleinkinderen de plaats in. Zij hebben dan recht op het erfdeel waar het overleden kind recht op gehad zou hebben als zij nog geleefd had.

De plaatsvervulling gaat tot de zesde graad. Dit geldt alleen voor bloedverwanten.

  • Eerste graad: (adoptie)ouders, (adoptie)kinderen;
  • Tweede graad: opa en oma, kleinkinderen, broers en zussen;
  • Derde graad: overgrootouders, achterkleinkinderen, neven en nichten (kinderen van broers of zussen), ooms en tantes;
  • Vierde graad: betovergrootouders, achterneven en –nichten (kleinkinderen van broers of zussen), oudooms en -tantes;
  • Vijfde graad: kinderen van oudooms en -tantes;
  • Zesde graad in de zijlijn: kleinkinderen van oudooms en -tantes.

Let wel op: de hierboven genoemde personen moeten bloedverwanten zijn van de erflater, dus niet aanverwanten. Lees meer over bloedverwantschap op Wikipedia.

Bijzondere regels

Er zijn bijzondere regels om stiefkinderen en pleegkinderen erfgenaam te maken. Zij erven namelijk niet automatisch. De belangrijkste is wel dat je dan een testament moet opstellen.

Als je zelf in de hand wil hebben en bepalen wie wat (onder welke voorwaarden) erft, is het verstandig om een testament te maken. Dat is zeker het geval als je alleenstaand bent zonder kinderen.

Heeft onze uitleg je verder geholpen?

Lees meer over Afhandeling Erfenis