Verhouding huwelijkse voorwaarden en testament na overlijden?

8.4
Gaan huwelijkse voorwaarden voor op een testament?

Huwelijkse voorwaarden en een testament zijn twee verschillende documenten. In de huwelijkse voorwaarden staat wat jouw vermogen is, in het testament staat aan wie je het vermogen nalaat.

Verhouding huwelijkse voorwaarden en testament na overlijden

verhouding

Stel je bent getrouwd op huwelijkse voorwaarden en je hebt ook allebei een testament. Wat gaat er dan voor bij het overlijden? Wat als de documenten elkaar tegenspreken? Huwelijkse voorwaarden en testamenten regelen allebei iets over jouw bezittingen, maar hebben allebei betrekking op andere aspecten daarvan.

Zo bepalen huwelijkse voorwaarden wat er tot jouw vermogen (en daarmee dus jouw nalatenschap) behoort en wat tot het vermogen van jouw echtgenoot behoort. Het gescheiden vermogen is van jou en dat kun je nalaten met of zonder testament.

In je testament heb je bepaald wie wat van jouw vermogen bij jouw overlijden krijgt. Samen bepalen huwelijkse voorwaarden en je testament dus wat je kunt nalaten en aan wie je dat doet.

De juiste volgorde

Bij jouw overlijden zal dus eerst via de huwelijkse voorwaarden worden vastgesteld wat jouw vermogen is. Vervolgens zal voor de vraag wie jouw vermogen erft naar het testament worden gekeken. Ook bij de afwikkeling van een echtscheiding zal eerst worden gekeken naar jullie huwelijkse voorwaarden.

Finaal verrekenbeding

Meestal hebben huwelijks voorwaarden een finaal verrekenbeding. Dat wil zeggen dat bij overlijden van één van de partners de voorwaarden vervallen en de situatie is alsof deze nooit hebben bestaan. Hiermee kan erfbelasting worden voorkomen bij het erven door de langstlevende partner.

Tip

Het kan in het zicht van een aanstaand overlijden verstandig zijn om je huwelijkse voorwaarden op te heffen. Daarmee kan je mogelijk fors besparen op de erfbelasting.

Kan een stichting foundation heten?

Ja dat kan wel. Er is echter een belangrijke maar. De stichting moet wettelijk ook het woord stichting in de naam hebben. Dat hoef je niet naar buiten zo te benoemen, maar bij de Kamer van Koophandel staat het wel genoteerd.

‘Foundation’ als naam

esther vergeer foundation

Mag ik het woord foundation gebruiken voor mijn stichting?
Als je bij de notaris een stichting gaat oprichten, moet je in de oprichtingsakte ook een naam aan jouw stichting geven. De wet bepaalt dat het woord stichting in de statutaire naam moet staan. Dat is verplicht, omdat zo uit de naam duidelijk blijkt welke rechtsvorm de rechtspersoon heeft.

Foundation in statutaire naam

Het is daarnaast toegestaan om het woord foundation te gebruiken in de statutaire naam, maar dan moet nog steeds het woord stichting in de naam worden vermeld. Je krijgt dan dus: “stichting foundation het goede doel”, of “stichting puppyfoundation”.

Foundation in handelsnaam

De statutaire naam moet je niet verwarren met de handelsnaam. Die hoeft niet hetzelfde te zijn als de statutaire naam, maar is dat meestal wel. Voor de handelsnaam kan ook het woord foundation worden gebruikt.

Onderscheidende naam

Let er op dat als je het woord foundation opneemt in de statutaire naam of handelsnaam van jouw stichting, de naam onderscheidend moet zijn. De naam mag niet verwarrend zijn.

Wat is het verschil tussen erfpacht en opstalrecht?

Erfpachtrecht geeft alleen het recht tot gebruik of genot van de grond en gebouwen van iemand anders. Bij erfpacht is ook sprake van natrekking. Bij opstalrecht is er juist geen natrekking. Het verschil tussen erfpacht en opstal ligt dus voornamelijk bij de natrekking.

Verschil erfpacht en opstal

Het opstalrecht en erfpacht zijn allebei beperkte rechten die je het recht geven om zaken op andermans grond te gebruiken. Hierdoor lijken deze rechten veel op elkaar. Toch zijn er verschillen tussen erfpacht en opstal.

Gebruiksrecht en eigendomsrecht

Het belangrijkste verschil dat een erfpachtrecht alleen een recht geef tot gebruik of genot van de grond en gebouwen van iemand anders. Als je als erfpachter iets bouwt op of in de grond van een ander, dan wordt dat automatisch eigendom van de grondeigenaar. Dat heet natrekking.

Bij het opstalrecht kan iemand zaken op of in andermans grond wel in eigendom hebben. Er vindt dan juist geen natrekking plaats.

Wettelijke bepalingen

Erfpacht is geregeld in de artikelen 5:85 t/m 5:100 van het Burgerlijk Wetboek.

Opstal is geregeld in de artikelen 5:101 t/m 5:105 van het Burgerlijk Wetboek.

Handen schudden

Keuze tussen erfpacht en opstal

Erfpacht geeft dus alleen een gebruiksrecht, terwijl opstalrecht een eigendomsrecht geeft. Zie ook bloot eigendom. Welke van de twee je het beste kan kiezen hangt dus af van het soort recht dat je de gebruiker van de grond en gebouwen wilt geven. Beide rechten moeten via een notariële akte worden gevestigd.

Wanneer mag ik een financieringsvoorbehoud inroepen?

Het financieringsvoorbehoud moet schriftelijk worden ingeroepen. In de koopovereenkomst staat het termijn waarbinnen hier een beroep op kan worden gedaan. Dit is meestal 3 maanden.

Financieringsvoorbehoud inroepen

Te koop Verkocht

Een financieringsvoorbehoud is een ontbindende voorwaarde. Daarmee kan je de koopovereenkomst van een woning ontbinden als de koper geen financiering kan rond krijgen (bijvoorbeeld een hypotheek). In de koopakte staat een uiterste datum waarop de financiering rond moet zijn.

Een model om het financieringsvoorbehoud correct in te roepen vind je bij DoeHetZelfMakelaar.nl.

Voorwaarden voor inroepen

De koper moet schriftelijk en bewijsbaar een beroep doen op het financieringsvoorbehoud. Hoe je dat moet doen en bewijzen staat meestal beschreven in de koopakte.

In het algemeen geldt dat de koper zich wel moet hebben ingespannen om een financiering te krijgen. Meestal staat beschreven dat de koper dan al het redelijk mogelijke moet hebben gedaan. Bijvoorbeeld dat de koper bij minstens twee banken moet hebben geprobeerd om financiering te krijgen. Wanneer een koper in een bepaald geval zich kan beroepen op het voorbehoud hangt ook veel af van de formulering in het koopcontract.

Niet juist ingeroepen

Als je niet op de juiste manier het financieringsvoorbehoud hebt ingeroepen of dit niet mocht doen, dan blijft de koopovereenkomst met alle verplichtingen bestaan. Als je vervolgens de koopprijs niet betaalt aan de verkoper, dan kan je een contractuele boete verschuldigd zijn.

Wanneer kan rechter rechtspersoon ontbinden?

De rechter kan alle rechtspersonen ontbinden. Dat doet de rechter als die organisatie zich niet houdt aan de wet, maar soms ook als de organisatie de eigen statuten niet volgt.

Ontbinden door de rechter

Als een rechtspersoon zich niet aan de wet houdt, kan de rechter die ontbinden. Bijvoorbeeld omdat de vereniging een gevaar is voor de openbare orde of criminele activiteiten uitvoert.

ontbinden

Rechtspersonen moeten zich, net als natuurlijke personen (mensen van vlees en bloed), houden aan de wet. Als de rechtspersoon zich daar niet aan houdt, kan een belanghebbende of het openbaar ministerie aan de rechter verzoeken om de rechtspersoon te ontbinden. De rechter kan een rechtspersoon ontbinden als:

  • er een oprichtingsgebrek is, dus als de wettelijke eisen voor oprichting niet zijn nageleefd
  • de statuten niet aan de wet voldoen
  • de rechtspersoon niet onder de wettelijke omschrijving valt: bijvoorbeeld een stichting met een Algemene Vergadering
  • de statuten bepalen dat een bepaalde gebeurtenis ontbinding tot gevolg heeft (bijvoorbeeld het behalen van het statutair doel) en die gebeurtenis heeft plaatsgevonden
  • een vereniging of coöperatie geen leden meer heeft. Zie ook: Moet een vereniging leden hebben?
  • een stichting, Naamloze of Besloten Vennootschap onvoldoende vermogen heeft om haar statutaire doel te bereiken en de rechtspersoon geen werkzaamheden meer verricht
  • de rechtspersoon een statutair doel of werkzaamheden heeft die in strijd zijn met de openbare orde: bijvoorbeeld het begaan van strafbare feiten

Er zijn dus veel verschillende redenen voor ontbinding van de rechtspersoon (op verzoek). Bestuurders moeten dan ook goed op de hoogte zijn van deze gevallen. Bij de oprichting van een rechtspersoon kan de notaris je daarover informeren en adviseren. Zo zal de notaris bijvoorbeeld controleren of er geen oprichtingsgebreken zijn. Let wel op: ontbinding van de rechtspersoon betekent niet altijd dat de rechtspersoon meteen ophoudt te bestaan of opgeheven wordt.

Zelf ontbinden

De rechtspersoon kan ook zelf besluiten om er mee te stoppen. In de statuten zal altijd een regeling zijn opgenomen hoe dat ontbindingsbesluit genomen moet worden.

Waarom moet ik een akte van verdeling maken?

Als je gaat scheiden heb je een akte van verdeling nodig om onroerende zaken te kunnen verdelen. Anders kan er geen eigendomsoverdracht plaatsvinden.

Akte van verdeling maken

Als je in gemeenschap van goederen bent getrouwd ben je van alles samen eigenaar. Dus ook van de gezamenlijke woning. Dat geldt ook als je in een samenlevingscontract samen een huis hebt. Bij een scheiding heb je voor de verdeling van een gezamenlijke onroerende zaak, zoals een woning met hypotheek een akte van verdeling nodig.

Eigendomsoverdracht bij echtscheiding

Zonder die akte kan er op grond van de wet geen daadwerkelijke eigendomsoverdracht plaatsvinden. Je kan onroerende goederen alleen overdragen met een notariële akte. Je blijft dan na de scheiding samen eigenaar van de gezamenlijke woning en jullie blijven dan ook samen de verplichtingen delen. Dit geldt niet als jullie zijn getrouwd op huwelijksvoorwaarden en het huis geen gemeenschappelijk bezit is.

Hypotheek op één naam

Als je de hypotheek op één naam wil zetten, is een van de eisen daarvoor dat de woning ook op één naam staat. Met een akte van verdeling kan je dat regelen. Voor dat overzetten van de hypotheek heb je wel toestemming nodig van de hypotheekverstrekker. De hypotheekverstrekker hoeft hier niet aan mee te werken. Die verliest namelijk een persoon minder op wie de schuld te verhalen valt. Meestal moet er dus een nieuwe toetsing komen van inkomen, vermogen en de waarde van de woning.

Hoe voorkom ik dat ik mijn huis, of ander vermogen moet opeten bij opname in zorginstelling?

Er zijn verschillende manieren om je vermogen te verlagen zoals door schenkingen en een goed opgesteld testament. Daardoor kan je de eigen bijdrage niet altijd voorkomen, maar zeker wel verlagen.

WLZ bijdrage

Gaat al ons geld naar de eigen bijdrage

De WLZ (Wet Langdurige Zorg) bijdrage betaal je als je in een zorginstelling woont. Voor veel mensen is het een schrikbeeld dat straks hun gespaarde geld aan de eigen bijdrage op zal gaan.

Hoogte eigen bijdrage

De hoogte van de eigen bijdrage wordt vastgesteld door te kijken naar het inkomen en het vermogen van degene die wordt opgenomen. Zo moet je als je wordt opgenomen een gedeelte van bijvoorbeeld jouw spaargeld of na verkoop de overwaarde van jouw woning gebruiken om de eigen bijdrage te betalen. Je wordt gedwongen tot het opeten van vermogen. Voor wat betreft het vermogen kijkt men naar Box 3. De eigen woning zit normaal in Box 1, tot het moment van verkoop. Let wel op: bij de opname wordt voor de hoogte van de eigen bijdrage gekeken naar jouw vermogen van 2 jaar geleden. Het is daarom verstandig om tijdig de notaris in te schakelen.

Uitstel van verkopen huis

Bij de meeste ouderen zit het grootste deel van hun geld in hun huis. Zolang de ene partner nog in de echtelijke woning woont telt die waarde niet mee bij het bepalen van de eigen bijdrage. Gaat ook die partner naar een verzorgingstehuis, dan mag je nog twee jaar wachten met de verkoop van de woning. Gedurende die twee jaar blijft de woning in Box 1 en telt dus niet mee als vermogen. Daarna zijn er dus nog twee jaar voor dit verhoogde vermogen wordt meegenomen in de berekening van de eigen bijdrage.

Verkleinen eigen bijdrage

Het is mogelijk om jouw vermogen en dus ook de hoogte van de eigen bijdrage te verkleinen. Voor de meeste van onderstaande oplossingen is het van belang dat die zijn opgenomen in de akte die er aan ten grondslag ligt. Je hebt een AWBZ of WLZ clausule nodig. Dat kan bijvoorbeeld door:

  • Het doen van een schenking en eventueel door een schenkingen (op papier). Je kan tot een bepaald bedrag belastingvrij schenken. Je kan dan geld uit jouw vermogen overhevelen naar bijvoorbeeld jouw kinderen.
  • Het opstellen van een langstlevende testament met de bepaling dat de kindsdelen direct volledig opeisbaar zijn bij opname van de langstlevende in een instelling met een eigen bijdrage. Zodra de langstlevende in een instelling komt eisen de kinderen hun kindsdelen op. Zo verlaag je direct jouw vermogen.
  • In een levenstestament bepalen dat de gevolmachtigde kan schenken aan jouw kinderen. Als je bent opgenomen kunnen de kinderen doorgaan met schenken en zo jouw vermogen verkleinen.

Lees ook: Waarom een WLZ clausule opnemen?

Levenstestament

opeten vermogen

Daarnaast kan het verstandig zijn om een levenstestament te maken en iemand te benoemen die namens jou belangrijke beslissingen (op medisch gebied) kan maken als je dat zelf niet meer kan doen.
Zo kan die persoon als jij bent opgenomen in een instelling schenkingen doen uit jouw vermogen. Zo wordt het vermogen snel kleiner.

Soep wordt niet heet gegeten

Het is een wrange wetenschap. De meeste mensen leven niet heel lang in een verzorgingstehuis. De gemiddelde verblijfsduur is ruim onder een half jaar.

CAK

De uitvoering van deze regeling is in handen van het CAK. Lees meer over de WLZ bijdrage en wanneer die moet worden betaald op de website van het CAK.

Wat is het nut van een 30-dagenclausule?

De 30-dagenclausule voorkomt dat er meerdere keren erfbelasting moet worden betaald. Als de partners binnen 30 dagen na elkaar komen te overlijden, hoeft er maar één meer erfbelasting te worden afgedragen.

Het nut van een 30-dagenclausule

30-dagen clausule

In een 30-dagenclausule is bepaald dat als jouw partner 30 dagen na jou ook komt te overlijden, dat de erfenis meteen doorgaat naar de erfgenaam van jouw partner. Deze clausule hoeft niet uitdrukkelijk te worden opgenomen in het testament, omdat de wet al bepaalt dat dit automatisch zo geldt.

De 30-dagen oplossing kun je opnemen in een testament voor gehuwden of samenwonenden.

Tweemaal erfbelasting voorkomen

De wettelijke 30-dagenclausule artikel 53 van de Successiewet 1956

bepaalt dat er geen erfbelasting wordt berekend over de erfenis van de eerste verkrijger (jouw partner). Dit voorkomt dus dat er meerdere keren erfbelasting moet worden betaald door de erfgenamen. Het wordt onrechtvaardig gevonden als in die gevallen twee keer erfbelasting moet worden betaald.

Voorbeeld 30 dagen

Meneer en mevrouw Pieters hebben samen een dochter. Als meneer en mevrouw Pieters binnen 30 dagen na elkaar komen te overlijden, blijft de dochter over als enige erfgenaam.
Zonder clausule zou de erfenis eerst naar de langstlevende en de dochter gaan. Bij het tweede overlijden zou dan de rest naar de dochter gaan. Over een deel van de erfenis zou mogelijk dus 2x erfbelasting zijn betaald.
Het effect van de 30-dagenclausule is dat de dochter dan niet eerst van meneer erft en daarna van mevrouw. Zij erft dan direct.

Kan ik wilsrechten uitoefenen op de geërfde woning?

Ja dat kan. Kinderen kunnen vorderen dat bijvoorbeeld een woning verkocht zal worden. Maar in het testament kunnen hier beperkingen op gesteld zijn.

Wilsrechten uitoefenen voor geërfde woning?

In bepaalde gevallen heeft een kind op basis van de wet zogenoemde wilsrechten. Hoe kan je wilsrechten uitoefenen voor een geërfde woning, hoe werkt dat? Bijvoorbeeld het recht op overdracht van de woning uit de nalatenschap die is verkregen door de langstlevende echtgenoot (stiefouder). Als de woning aan het kind wordt overgedragen dan komt de waarde van de woning in mindering op de geldvordering die het kind op de langstlevende echtgenoot heeft. De langstlevende echtgenoot krijgt dan het recht van vruchtgebruik op de woning, terwijl de woning eigendom wordt van het kind. De langstlevende heeft dan het recht in de woning te blijven wonen.

wilsrechten uitoefenen

Vruchtgebruik

Het recht van vruchtgebruik moet via de wettelijke regels worden gevestigd. Dat houdt dus in dat het kind daarvoor een notariële akte moet laten maken die vervolgens moet worden ingeschreven in het Kadaster. De overdracht van de woning naar het kind moet ook via de wettelijke regels gebeuren. Daarvoor is een notariële akte vereist en inschrijving daarvan in het Kadaster. Bij onenigheid over uitoefening van een wilsrecht moet de rechter worden ingeschakeld.

Let op: in het testament kan een afwijkende regeling zijn opgenomen over de wilsrechten van de kinderen van de erflater. Ook kunnen daarin beperkingen worden gesteld aan het recht van vruchtgebruik van de langstlevende echtgenoot. Zo is vaak opgenomen dat het recht vervalt bij definitieve opname in een verzorgingstehuis, anders zou de woning dan leeg blijven staan. Ook kan er een bepaling zijn opgenomen over schuldsanering of hertrouwen.

Wanneer gaat een samenlevingscontract in?

Je kan alleen een samenlevingscontract hebben als je ook daadwerkelijk samenwoont. Je kan hem wel voorafgaand opstellen. Het contract gaat dan gelden op het moment dat jullie gaan samenwonen. Als je later een contract opstellen kan je zelf bepalen wanneer het ingaat.

Vooraf samenlevingscontract opstellen

wanneer gaat samenlevingscontract in

Voordat je gaat samenwonen kun je al een samenlevingscontract maken. Veel mensen maken een samenlevingscontract terwijl ze nog apart wonen. Ze hebben dan samen een woning gekocht of gehuurd. Zij regelen vooraf hoe ze straks gaan samenwonen. Ze regelen welke inbreng misschien apart moet blijven en hoe ze de woonlasten gaan verdelen. Als je behoort tot deze categorie, dan heb je de zaakjes goed op orde.

Achteraf opstellen

Een veel grotere groep woont al jaren samen en heeft niets geregeld. Zij vinden het tijd om dat nu alsnog te gaan doen. Je kan dan elke datum in het verleden kiezen om het contract in te laten gaan. Let op, ook hier moet je natuurlijk wel op die datum al samenwonen. Dat laatste in formele zin, dus jullie moeten ingeschreven staan op hetzelfde adres.

Wat je nu wel moet realiseren is het volgende. In het samenlevingscontract bepaal je dat goederen (met eventuele uitzonderingen) die jullie hebben gekocht terwijl je samenwoont, van jullie beiden worden. Dus leg je de aanvang van dit contract vijf jaar terug, dan zijn de goederen gekocht in die vijf jaar gemeenschappelijk. De bepalingen over welke inbreng apart moet blijven, beoordeel je dan ook op de datum van ingang contract. In het contract staat dat je een lijstje kan bijhouden van alles wat je niet wilt delen. Daarop moeten dan ook de spullen van de afgelopen vijf jaar die je niet wilt delen.

Vind je dit teveel moeite, dan laat je het contract ingaan op een dichterbij gelegen datum in het verleden.

Werkt alleen tussen jullie

Als je iets met terugwerkende kracht regelt werkt dat alleen tussen jullie. Je kunt dus niet achteraf de schulden zo ontlopen. Voor buitenstaanders (derden zoals dat heet) hebben deze afspraken geen effect.

  • Veilige gegevensoverdracht
  • SSL certificaat